notebook_pen_grass_herbs_54705_3840x2160-5

Verknocht

Eenentwintig jaar ben ik inmiddels actief bij de voetbalvereniging uit mijn geboortedorp. Ik begon als kleine man met voetballen bij dezelfde vereniging en tot op de dag van vandaag doe ik ook daar nog steeds een poging toe. Maar op een bepaald moment, het zal rond mijn zestiende zijn geweest, maakte ik mijzelf wijs dat ik ook wel een goede trainer zou kunnen zijn. Dus trok ik de stoute schoenen aan en startte ik met het geven van trainingen.

Inmiddels zijn we elf jaar verder en heb ik de selectieteams van alle leeftijdsgroepen binnen deze mooie vereniging tenminste één jaar getraind en heb ik de kans gekregen om mijn trainersdiploma’s te halen. In die elf jaar heb ik meer dan eens de vraag gekregen waarom ik niet eens bij een andere club in de keuken ga kijken. Waarom niet eens een stap hogerop proberen bij een team van een grotere vereniging of een eerste elftal trainen nu je het TCII-diploma gehaald hebt?

Ik heb hier veel over nagedacht. Want jezelf testen, en uitvinden waar je plafond ligt is iets dat mij enorm aanspreekt. Ambitie hoort mijns inziens bij sport. En als je van jezelf vindt dat je een goede trainer bent, moet je het ook waarmaken op een hoger niveau. Toch heb ik de stap om “mijn” club te verlaten nog niet gemaakt.

En dan komen de vragen. Is het de twijfel aan mijn eigen kunnen? Is het de angst voor het onbekende? Deze vragen heb ik mezelf de afgelopen jaren meer dan eens gesteld. Inmiddels kan ik ze beide volmondig beantwoorden met nee. Dat ik mezelf blijf vastklampen aan mijn eigen cluppie moet je niet zoeken in de ratio, maar in de emotie.

Als trainer heb je de kans om een echt en hecht onderdeel te worden van de familie die een voetbalvereniging voor je kan zijn. Dit gevoel ervaar ik in elk geval bij mijn club. Ik ken de jongens die ik train van jongs af aan en heb ze zien doorgroeien van de pupillen- tot aan de seniorenteams. Je deelt door de jaren heen lief en leed met elkaar en je ziet ze groeien van jochies naar jongvolwassenen, ook op het gebied van voetballen.

Elke speler krijgt de kans om zijn (of haar) talent te ontwikkelen op eigen niveau, bij je eigen club. Dat er in de tussentijd weinig selectiespelers uit de jeugd onderweg zijn afgehaakt als lid van de vereniging, zie ik als een enorm compliment. Ik hecht hier veel waarde aan en haal hier zó veel voldoening uit, dat ik de noodzaak om te vertrekken bij de club nog geen moment gevoeld heb.

Zal ik dan nooit een stap maken naar een andere club? Hoogstwaarschijnlijk wel. Uiteindelijk brandt ook bij mij de ambitie om mijzelf nog eens te bewijzen op een hoger niveau, zodat ik me als trainer echt kan doorontwikkelen. Maar laat één ding duidelijk zijn: die club moet wel van héél goeden huize komen.

Erik Kloosterman

Heb jij interesse om een column te schrijven voor Over de Bal?
Neem contact met ons op via
info@overdebal.nl!

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on whatsapp
WhatsApp

Over de Bal neemt jou met achtergrondverhalen en reportages mee in
de magische wereld van het Nederlandse amateurvoetbal.

Copyright © 2018 - 2021 | Over de Bal

Over de Bal neemt jou met achtergrondverhalen en reportages mee in
de magische wereld van het Nederlandse amateurvoetbal.

Copyright © 2018 - 2021 | Over de Bal