En eerlijk is eerlijk, kunstgras op het hoofdveld of niet, bij Hardegarijp – VVH voor intimi – is het prettig rondhangen. De kleedkamers en kantine zijn ondergebracht in een gebouw dat er in de jaren 70 ook al stond. ‘Daar word ik nou vrolijk van’, zou Rob Geus hebben gezegd als hij van de sportparkpolitie was geweest. Het bijveld, een prima natuurgrasveldje, en vooral de tribune zijn gewillige prooien voor onze camera. Die tribune was er overigens nooit geweest als Jan van der Veen en Wiebe de Ringh rond de eeuwwisseling vonden dat ook op De Warren eentje moest komen. Er werd bij Drenthina in de keuken gekeken en niet veel later stond ook in Hardegarijp fier een tribune langs het hoofdveld. En dankzij de tomeloze inzet van vrijwilligers gebeurde dat nagenoeg zonder kosten voor de club. Een huzarenstukje.
Sportief gezien kende Hardegarijp vooral in de jaren 90 hoogtepunten die nooit meer uit de geschiedenisboeken zullen verdwijnen, met twee promoties naar de Eerste Klasse, nog altijd het hoogste niveau waarop de hoofdmacht ooit acteerde. Op het moment van schrijven dreigt degradatie naar de Derde Klasse, maar wie weet valt er volgend seizoen aan het eind van de rit juist weer wat te vieren. Moeten de spelers het alleen niet aanpakken zoals Sjoerd Visser in de tijd dat Hardegarijp nog voetbalde op de plek waar dorpshuis De Schalmei jarenlang stond. Zijn schuur grensde daar aan het veld en na afloop mocht iedereen altijd in zijn schuur omkleden. Maar alleen als Sjoerd in de basisopstelling stond. Of is dat nou boerenslimheid?